Het stormde afgelopen weekend. Meteorologisch gezien dan. Het stormt natuurlijk eigenlijk al veel langer. Van binnen, in huizen en kamers, op straten en pleinen, van het Valkhofpark tot aan het Binnenhof. Niemand kan het ontkennen: er hangt onrust in de lucht.

De Tweede Kamerverkiezingen hadden niet op een beter moment kunnen komen. Hoewel, veel slechter had het ook niet gekund. We zitten namelijk nog steeds met z’n allen in een pandemie en iedereen begint de maatregelen zo langzamerhand behoorlijk zat te worden. Sommige kwetsbare mensen zitten al een jaar in zelfisolatie. Anderen houden zich angstvallig aan de maatregelen en beperken al hun bezigheden die hen normaalgesproken energie en inspiratie geven. En weer anderen zijn al een jaar aan het mopperen en om zich heen aan het slaan uit pure onmacht.

Onmacht, een gebrek aan inspiratie en verbinding met elkaar, dat moeten de verkiezingen zien te tackelen dit jaar. De politieke partijen, het zijn er maar liefst 37 die dit jaar meedoen, doen hun best ons, het volk, weer een gevoel van inspraak of macht te geven. Een enkeling waagt zich zelfs aan inspirerend idealisme en zoekt de verbinding op tussen verschillende groepen in de samenleving. Dan zijn er natuurlijk ook de meer conservatieve partijen die idealisme maar gezever vinden, verbinding vooral zien tussen zichzelf en de mensen die op hen lijken en de macht vooral lekker willen houden waar het zit.

Idealisme kan natuurlijk meerdere kanten op gaan. Afgelopen zondag nam het vorm aan in meer dan 40 steden in Nederland. Het klimaatalarm. Ik was erbij in Nijmegen met een zelfgemaakt protestbord in mijn handen. Dat het zo ver is gekomen zegt veel. Dat ik, een overwegend introvert, hoogopgeleid wit persoon uit Nederland me tijdens een pandemie – maar wel netjes op 1,5 meter – in een groep mensen begeef om lawaai te maken. Niet voor mezelf, of mensen die op mij lijken, en ook niet de eerste keer in het afgelopen jaar. Dit keer liet ik me horen voor iedereen die nu al getroffen wordt door klimaatverandering. Mensen (en andere dieren) aan de andere kant van de wereld die hun omgeving in vlammen op zien gaan. Mensen die de grond onder hun voeten voelen indrogen of juist overstromen. Mensen die op een dag deze kant op zullen komen, omdat onze daden (of het gebrek daaraan) ze daartoe drijven.

Zo’n demonstratie geeft een boost aan je vertrouwen in de mensheid. Het is inspirerend om te zien hoe veel mensen zich durven uit te spreken voor moeder aarde en haar bewoners. En het feit dat er woensdag verkiezingen zijn, geeft enigszins hoop dat we dit gevoel kunnen doorgeven aan het torentje. De Tweede Kamer. Die storm, dat verlangen naar ánders, die behoefte aan een radicale omslag om nu eens écht een oplossing te verwezenlijken voor natuurrampen, pandemieën, hongersnood, discriminatie, uitbuiting, armoede, eenzaamheid, loonkloven, dierenleed en fobieën voor medemensen. Stem, zoals Tim al zei, niet met je onderbuik, maar met je hart en je hoofd. Stem voor jezelf maar ook voor mensen die niet altijd gehoord worden. Mensen die als eerste de pineut zijn bij een pandemie, slachtoffer worden van een overijverig algoritme of klimaatverandering. Breng de storm naar het stemhokje.

Mensen die me kennen zullen wel weten waar ik op stem. Ik zou iedereen willen oproepen voor deze nieuwe partij te stemmen, die mij zo veel hoop geeft. Waar niet alleen ik, maar duizenden mensen die zichzelf niet eerder terugzagen in de Tweede Kamer, zich thuis voelen. BIJ1 toont een visie die eerder onbesproken problemen bij de wortel aanpakt. Maar misschien is het voor jou een andere partij. Wat je ook stemt: open je hart voor de mensen in ons land en de wezens op de wereld die het niet zo goed als jij hebben. Laat je stem leiden door hoop, niet door angst. Daar hebben we al genoeg van.


0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.