Afgelopen donderdagavond ging ik naar een concert van Mika in Tivoli Vredenburg, Utrecht. Het was  de vijfde keer dat ik deze artiest op zag treden; ik ben dan ook al sinds mijn 15e fan van hem. Zijn opvallende verschijning in bont gekleurde kleding, skinny jeans en met gekke sieraden om was voor mij hét voorbeeld hoe te leven. Ik wilde hem zijn, ik wilde mét hem zijn, ik wilde ook zó ontzettend mezelf durven zijn.

Zijn stem en persoonlijkheid werden al snel vergeleken met Freddie Mercury. Maar ondanks dat Mika een aantal grote hits uitbracht zoals Grace Kelly; Relax, Take it Easy en Big Girl (You Are Beautiful) werd hij in Nederland niet écht beroemd. Na dat eerste album uit 2007 (Life in Cartoon Motion) werden de vervolgalbums niet zo’n succes. Tenminste, niet bij “het grote publiek”. Wel bij mij en andere fans van het eerste uur. Hij tourt inmiddels weer de wereld rond. De afgelopen jaren bracht hij vooral door in Italië en Frankrijk, waar hij inmiddels wél de status van beroemdheid geniet. Hij had in Italië zelfs zijn eigen televisieshow en zat in beide landen in de jury van The Voice.

Toen ik afgelopen donderdagavond dus sinds lange tijd weer in het publiek stond waarvoor hij optrad, stond ik weer volop te genieten. Even was ik bang dat het over zou zijn; dat ik hem ontgroeid was, of erger nog, dat hij toch niet zo goed (meer) zou blijken. Gelukkig was dat totaal niet het geval. Ongegeneerd heb ik staan springen, dansen en meezingen met de muziek. En ik voelde me zo dankbaar voor deze man. Niet alleen omdat ik via het Mika-forum meer dan tien jaar geleden een van mijn beste vriendinnen heb leren kennen, maar voor alles waar Mika voor staat en de inspiratie die hij zijn fans biedt.

Hij was (en is) namelijk ánders. Er waren mensen die hem, of zijn muziek, afkeurden. Zijn stem was anders dan andere stemmen. Zijn liedjes klonken te blij, te speels. Zijn teksten waren prikkelend en hij creëerde daarmee een wereld waarin alles bezongen kon worden, al was het vermomd als popsong. Homofobie was uiteraard ook een reden om je tegen hem uit te spreken. Hij was ‘too much’. Niemand op mijn school deelde mijn obsessie met zijn muziek; als Mikafan hoorde je ergens bij, maar daardoor ook duidelijk ergens niet bij. Ik was graag die vreemde eend in de bijt. Het hielp me staande te houden in die stormachtige puberteit op de middelbare school.

Als een homoseksuele immigrant uit Libanon met leerproblemen en een liefde voor opvallende kleding, een opvallend stemgeluid en over-the-top popsongs concertzalen kon uitverkopen, cd’s kon uitbrengen en kon leven van wat hij het liefste deed, dan kwam het met mij misschien ook nog wel goed.

Dát is waarom representatie zo belangrijk is. Niet alleen voor tieners die zich anders voelen dan hun klasgenoten, maar voor iedereen die af en toe twijfelt aan hun waarde in en bijdrage aan deze wereld. Dat is waarom zwarte vrouwen in de politiek horen, lesbische comedians op het podium en transgenders op youtube. Het leert ons dat de mens een diverse diersoort is en dat hokjes overbodig zijn. Dat het oké is om jezelf te zijn; zélfs, en misschien juist vóóral als dat tot kritiek van je omgeving leidt. Hun moed is nodig om je ogen te openen voor je eigen waarde en daarmee voor de mensen om je heen.

Vandaar deze ode aan Mika, omdat hij diversiteit bezingt en belichaamt. Net als al die anderen die hun kop boven het maaiveld uitsteken zodat wij, vreemde eenden in de bijt, ons aan hen op kunnen trekken en de wereld een betere plek kunnen maken.


1 reactie

Madelon Schlief · 17 februari 2020 op 13:18

Yes, amen!!

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.