Het feit dat ik besta is een wonder. Het resultaat van een reeks extreme toevalligheden. De kans dat mijn ouders ontstonden en elkaar op hun beurt vonden + de kans dat ze lang genoeg bij elkaar bleven om aan kinderen te willen beginnen + de kans dat op een specifiek tijdstip 1 van 100 tot 200 miljoen zaadcellen succesvol een eicel binnendrong + de kans dat die eicel zich binnen negen maanden zou ontwikkelen tot een jongetje dat ter wereld kwam.

Toeval bestaat wel.
Ik was ooit een glinstering in de ogen van mijn moeder.
Een traan in de vorm van een spermacel.

We staan zelden stil bij het feit hoe toevallig de geboorte van een individu precies is. Daarnaast zijn we juist kampioenen in het waarnemen van opvallende toevalligheden. Zo werd George Michael op 25 december 2016 dood in zijn bed gevonden terwijl over de hele wereld zijn hit “Last Christmas” uit de speakers knalde. Ons brein verbindt zijn dood onmiddellijk met de kersttrui en colgate-glimlach die hij in de bijbehorende videoclip uit de jaren tachtig droeg. Ironisch noemen we dat. Zoals in dat liedje van Alanis Morissette.

De voorwaarde voor toeval is wel dat we het als zodanig herkennen. Net zoals wij mensen overal gezichten in kunnen zien, zelfs in verweerde boomstronken of koffie met melk, zien we overal verbanden. Die verbanden zijn echter wel gebaseerd op onze kennis en persoonlijke ervaringen.

Zo vertelde mijn vader laatst dat een vriendin van hem die graag Engelse detectives leest, de gewoonte heeft om eerst achterin het boek de ontknoping te lezen om vervolgens vooraan verder te gaan en al lezende te controleren of alles wel klopt met de conclusie. Kort daarna sloeg ik in een dichtbundel die ik aan het lezen was een bladzijde open en trof midden in een gedicht met de titel Nothing Like a Good Old-Fashioned English Murder Mystery een verwijzing aan naar precies de gewoonte die ik net beschreef:

“(…) what happens when you turn to the end first
Nothing of consequence is lost but the middle (…)”

Dat pareltje was me natuurlijk nooit opgevallen zonder het verhaal dat ik net gehoord had. Toeval?

Soms vraag ik me af of toeval ook andersom werkt. Als een self-fulfilling prophecy. Dan denk ik aan mensen die wel erg toepasselijke namen hebben voor het beroep dat ze uitoefenen. Ik denk dat ze al dan niet onbewust door hun naam een bepaalde richting opgeduwd worden. Zo werd Benno Baksteen natuurlijk voorzitter van de Vereniging van Nederlandse Verkeersvliegers. En Hennie de Haan is op dit moment de vrouwelijke voorzitter van de Nederlandse Vakbond Pluimveehouders (NVP).

In mijn eigen familie had een neef van mij, die op zestienjarige leeftijd veel te jong overleed, de achternaam Damman. Deze achternaam vond ik als kind altijd zeer opvallend, omdat hij niet alleen op dammen zat, maar er ook nog eens erg goed in was. Tijdens zijn uitvaart meer dan dertig jaar geleden werd een van zijn favoriete nummers gedraaid: Over de Muur van het Klein Orkest. Op oudejaarsdag was ik bij mijn vader en kwam zijn moeder op bezoek om een appelbeignet bij de koffie te eten. De Top2000 stond aan. Ze was nog niet gaan zitten of Over de Muur begon te spelen. Toeval bestaat wel.


0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.