Ik pluk een bolletje stof uit mijn navel en val in het zwarte gat.
Als een bonk atomen snel ik door de kosmos.

Mijn ruimteschip heeft averij en strandt op een verre planeet die overdekt is met woestijnen.

Op zoek naar een oase vind ik alleen sterrenstof.

Het is alles wat ik nodig heb.

Ik sprenkel het spul rond en hul me in een mantel als een nacht vol sterren.

Daarna dans ik met de manen van Jupiter.

Op de tonen van de Calypso blues zwier ik met Europa, Io, en Callisto.

De echo van een eclips zorgt ervoor dat ik de manen niet meer kan zien.

Dat ik de zon niet meer kan zien,

Dat ik de aarde niet meer kan zien,

Dat ik mezelf niet meer kan zien.

Ik focus mijn aandacht op een speldenprik.

Een lichtpunt in de duisternis trekt aan me.

Dan word ik wakker in mezelf.

Weltevree en voldaan.

Tijd om op te staan.


0 reacties

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.