De gemiddelde weerman- of -vrouw begint te glunderen als hij of zij mooi weer mag aankondigen. Mooi weer roept visioenen op van vakantie, zon, zee, strand en drankjes met parasolletjes er in. Nou, geef mijn cocktail maar aan fikkie. Tijdens de hittegolf, aangekondigd als ‘mooi weer’, die meer dan twee weken duurde ben ik bijna afgebrand. In de schaduw. Mooi is dat.

De eerste dag met helder zomerweer boven de dertig graden was nog te doen. In de ochtend dronk ik koffie op mijn balkon en daarna vluchtte ik naar binnen en deed de gordijnen dicht. Het duurde echter niet lang voordat de hitte naar binnen begon te kruipen. Als een wurgslang met gloeiende kooltjes als ogen. Een slang die mij langzaam maar zeker in een hete omhelzing vastpakte en niet meer losliet. Verkoeling was op een gegeven moment nergens meer te vinden. De ventilator blies alleen warme lucht heen en weer in mijn thuiswerkplek en in de nachten koelde het nauwelijks af. Zelfs niet als je alle deuren en ramen open gooide.

Ik wandelde alleen nog vroeg in de ochtend, omdat het om elf uur ‘s ochtends al zo heet was als op een normale zomerdag op het hoogtepunt van de middag. Over nieuw normaal gesproken. Tijdens zo’n ochtendwandeling kwam ik een keer een kauw tegen die zijn snavel open had hangen van de dorst. Het arme dier hipte naar de waterpomp die op een speelplek voor kinderen stond. De mond van de pomp hing boven een constructie van houten goten waarin water zigzaggend naar het omliggende zand kon worden afgevoerd. De kauw ging met open snavel onder de mond zitten in de hoop op een druppel. In een poging om hem te helpen liep ik naar de pomp en pompte wat water voor hem op. De kauw vluchtte echter weg vanwege het lawaai dat de pomp maakte. Ik vervolgde mijn wandeling zonder te zien of de kauw terugkwam om te drinken. Hopelijk heeft hij de hittegolf overleefd.

Zelf overleefde ik door zo min mogelijk te doen, heet te douchen, pittig te eten, waterijsjes naar binnen te werken en koud bier te drinken. Toen ik helemaal klaar was met de hitte doneerde ik zelfs mijn exemplaar van de Noorse thriller Hittegolf aan een minibieb in mijn buurt. Het hielp allemaal weinig. Kortom: ik vond het allesbehalve mooi weer. Daarom pleit ik voor een nieuwe definitie. Voor de klimaatverandering die ons grondwaterpeil aantast en voor meer weerextremen zorgt, is juist een regelmatige bui afgewisseld met zonneschijn heel fijn. Regenachtig weer is voor mij het nieuwe mooie weer. Afgelopen weekend was het mooi weer: voor ieder wat wils.

Doe mij maar een zomer met temperaturen tussen de twintig en vijfentwintig graden, een stevig briesje en wolken waar af en toe de zon doorheen piept. Dan kan ik op mijn balkon zitten terwijl ik gestreeld word door de wind en de zon me op onverwachte momenten aanraakt met een warme hand. Op die manier kom ik ook meteen van mijn huidhonger af. En als het weer eens heet is, slecht weer dus, volg ik gewoon het voorbeeld van Joaquin Phoenix’ Joker en ga ik in mijn eigen koelkast zitten. Met een bevroren glimlach op mijn gezicht.


0 reacties

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.