geen kind in wagen

Het kind in de wagen

Ik loop met een rugzak vol boodschappen naar huis. Voor mij op de stoep beweegt een vrouw zich voort met een kinderwagen. Ze stopt even en buigt zich over de inhoud van de wagen. Even denk ik dat ze zich over haar kind ontfermd, maar als ik dichterbij kom zie ik dat ik me vergis. Deze vrouw is ook gebogen als ze zich niet bukt en ze klampt zich aan de kinderwagen vast als ze ietwat wiebelig loopt. Dit is geen moeder, maar een oma. Dan gaat er een telefoon af in de kinderwagen. Als ik haar inhaal zie ik de vrouw rommelen tussen haar boodschappen in de hoop de bron van dat gerinkel te vinden. 

(meer…)
Lotte en de schrijver. Schommel.

Lotte en de schrijver (een kort verhaal)

“Doet het pijn als ik verdwijn?”, vraagt een meisje met rode vlechtjes en grote blauwe ogen aan de schrijver. Ze beweegt rustig heen en weer op een schommel die in de achtertuin van haar ouders staat. Haar rechterpols en het grootste deel van haar rechterhand zitten in het gips. Er staan namen op die net niet leesbaar zijn. De man aan wie ze haar vraag stelt, zit in een met leer beklede stoel aan een antieke mahoniehouten tafel, die midden in de tuin in de lentezon staat. Hij drukt zijn bril met ronde glazen aan op zijn neus en kijkt op van het papier waarop hij aan het schrijven was met een kroontjespen. “Waarom denk je dat je verdwijnt Lotte?”

(meer…)
verstoppertje

Verstoppertje

Ik loop een blokje om. Een jongen komt me tegemoet rennen. Het zweet staat op zijn voorhoofd en hij hijgt. Hij schrikt als hij me ziet en houdt zelfs even in. “Sorry dat ik je lastigval, maar ik heb haast”, zegt zijn gezichtsuitdrukking. Het komt er niet in woorden uit. Voordat ik hem kan vragen of alles goed met hem is, draaft hij weer verder.

(meer…)