Ik zit in onze tuin in de zon, met een kopje Oatly Barista Kokosmelk cappuccino. Naast me ligt Bella met haar beer te snurken. Onze tuin is de afgelopen maanden prachtig geworden. Van een kale betegelde boel met een paar kleine struikjes werd het een paradijs vol bloemen en groen, rozenbogen en blauweregens langs de schutting, en een strandkorf, overgenomen vanaf een Duits eilandstrand.

We wonen heerlijk, hier in Wageningen. Ik heb een eigen kantoortje. Met werk gaat het ook lekker. De afgelopen weken had ik vakantie, net als veel mensen. Maar echt uitgerust ben ik niet. Misschien door de hitte. Of doordat ik als gevoelig en betrokken persoon mijn antennes niet heb kunnen uitzetten, me bewust van de spanningen en gevaren die overal voelbaar zijn.

Als je het over ‘de crisis’ hebt, vragen mensen tegenwoordig: ‘Welke bedoel je?’. Het doet me denken aan het album “Crisis, what crisis?” van Supertramp, uit 1975. Die LP draaien we thuis graag. Een eigentijdse versie zou “Crisis, which crisis?” kunnen heten. Ik zou willen dat ik, net als de man op de cover van die plaat, kon doen alsof er niets aan de hand is. Lekker in de zon zitten met een cocktail in m’n ene hand en een goed boek in de andere, onder een parasolletje om niet te verbranden.

Om me heen staat de wereld in de fik. Letterlijk en figuurlijk. Extreme droogte hier, enorme overstromingen daar. Smeltende ijskappen, uitstervende dieren, verhongerende mensen. Boze boeren en een vleeslobby die zegt: “Voel je vooral niet slecht als je dode dieren eet, als je meewerkt aan een van de meest vernietigende industrieën. Want de slagers hebben liefde voor hun vak, en dat is ook belangrijk!”

“De zomer is weer voorbij,” zegt mijn vader aan de telefoon. Ik kijk naar buiten, weer een stralend blauwe lucht. 28 graden. “Het lijkt er niet op,” zeg ik. Ja, de vakantie is voorbij. Ik heb een paar weken afstand van mijn werk genomen. Drie weken lang de gedachten aan geld verdienen onderdrukt. Even geen teksten getypt, woorden gecheckt, taalkeuzes toegelicht. Maar er is meer werk te doen dan ooit, lijkt het, als je om je heen kijkt.

Op straat: crisis (voor alle woningzoekers). In het bos: crisis (brandgevaar). Op social media: crisis (fake news en polarisatie, over zo’n beetje alles). Op tv: crisis (allemaal gecancelde mensen aan het woord). In de zorg: crisis (essentiële beroepen mogen het weer zelf uitzoeken). In de trein: crisis (hij rijdt niet, door gebrek aan personeel of stakingen door de achterblijvers). Op school: crisis (personeelsgebrek en rugzakjes alom). In het bushokje: crisis (campagne tégen de nieuwe transwet, door transfobe types. Of die campagne vanuit de vleeslobby, ook al zo charmant in deze tijd.) Op de snelweg: crisis (overal omgekeerde vlaggen en wéér omrijden door een tractorblokkade). In de supermarkt: crisis (alles is duur). In de GGZ: crisis (iedereen is depressief, sluit maar aan in de rij). Ter Apel: de hel. Of: macaber welkomstbord van Nederland.

Twee pluspuntjes van deze zomer: in ons nieuwe huis zit een aard-warmtepomp met vloerverwarming, die ook kan koelen. En ik heb amper muggen gezien. Jullie? Ik weet niet of het door de ligging van ons huis komt. Er is toch echt wel water in de buurt, dus ik had ze wel verwacht. Maar nee, geen mug te bekennen. Zijn ze uitgestorven toen ik even niet oplette? Ongestoord zitten we in de tuin, ons vredige paradijs waar zelfs de wespen vriendelijker lijken. Door de koeling in ons huis heb ik niets in de gaten van de hitte buiten. Soms trek ik zelfs een vest en sokken aan omdat het fris wordt, terwijl de thermometer buiten 30 graden aangeeft. Als ik op de bank zit met een dekentje, een kop thee en een fijn boek, lijkt het heel even of er niets aan de hand is.


0 reacties

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.