Het schijnt dat mensen op conservatieve partijen stemmen omdat deze partijen de burger een beeld voorhouden dat herkenbaar is. Het moet weer worden zoals het vroeger was. Duidelijke gender-rolverdelingen, iedereen dezelfde huidskleur en religie, van vrijen komen kindjes en als je de grens over wil moet je je paspoort laten zien.

Hoewel een groot deel van deze ideeën voor veel mensen helemaal geen rooskleurig plaatje is, is het wel concreet. Herkenbaar. Vertrouwd. Vooral voor een bepaalde groep mensen is conservatisme (of ‘nostalgisch nationalisme’ zoals Rob Wijnenberg het noemt) aantrekkelijk. Zij hopen in dit wereldbeeld beter af te zijn, en denken dat al hun problemen op deze manier eenvoudig opgelost kunnen worden. Progressieve partijen hebben hier een nadeel. Zij dromen van een wereld die nog niet bestaat en ook nooit bestaan heeft. Idealisme, heet dat.

Hoewel die gedroomde ideale wereld – idealiter – voor iedereen het beste is, vinden mensen het moeilijk dit voor zich te zien. Iedereen gelijke kansen, geen armoede, gratis zorg, schone lucht, veilig seksen met wie je maar wil (met consent), samenwonen met wie je wil, geen oorlog en honger; en als het toch nodig is kun je altijd in een ander land terecht. Iets minder eenvoudig te behalen dan het terugdraaien van de tijd, door mensenrechten en grondwetten te negeren die wereldwijd toch al onder druk staan.

Wij Nederlanders zijn een volk van ‘doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg’. Zelfs als je ons vraagt: hoe zou jouw ideale samenleving eruitzien, stemt de meerderheid voor een vertegenwoordiger die ‘lekker normaal’ is en een makkelijke oplossing lijkt te bieden. Die als toekomstbeeld iets schetst wat we allang kennen en wat nog nooit tot iets goeds heeft geleid.

13 jaar lang hadden we een minister-president die het niet nodig vond idealen na te streven, of een visie uit te spreken. Met die aanpak heeft hij veel gedaan gekregen, maar weinig mensen echt geholpen en veel mensen gedupeerd. Want we waren ervan overtuigd dat hij het niet al te bont zou maken. Dat we misschien wel íets aan het klimaat zouden doen, maar niet iets waar wij zelf last van hebben. Dat hij de zorg wilde verbeteren, maar niet op een manier dat het ons iets zou kosten. Dat hij iedereen gelijke kansen gunde, maar sommige mensen wel wat harder moesten werken dan anderen om überhaupt in leven te blijven. Want zo gaat het nu eenmaal. En dingen die nu eenmaal zo gaan, daar moet je niet aan zitten. Dat is iets voor idealisten.

En nu heeft ons land het toekomstbeeld van een gelogen verleden omarmd. Veel stemmers denken dat ‘meer van het oude’ en ‘minder, minder, minder idealen’ ons land gaan redden. Dat alle crises die ons land rijk is als sneeuw voor de zon verdwijnen als we de tijd terugdraaien. Geert Wilders noemt zijn partij een partij van hoop.

Ik kan alleen maar hopen dat Nederlanders snel durven te gaan dromen, in plaats van hopen op iets wat niet meer bestaat.


0 reacties

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.